Nou, dat was een lange, lange en hete tocht vandaag. En dat voor de eerste dag!.
Vanmorgen moest ik eerst weer naar het beginpunt, deels met de metro, deels lopend om bij de eerste gele pijl te starten.
Terwijl ik daar op mijn kaartje sta te kijken waar ik heen moet, raak ik in gesprek met een man van zo’n jaar of zestig, die me eerst vraagt welke taal ik spreek en vervolgens opnoemt welke talen hij spreekt. Dat waren er negen!! En dan kon hij zes talen ook nog schrijven. Het bleek dat hij vluchteling geweest is, daarom in veel landen heeft gewoond, onder andere in Amsterdam in de Kinkerstraat. Dus hij spreekt ook Nederlands! Het was wel leuk, want net zoals iedere Portugees, die ik ontmoet, vraagt hij: “Heb je een gelofte gedaan dat je naar Santiago gaat lopen?”. Ik leg dan uit dat ik dat niet gedaan heb, aangezien ik niet Katholiek ben, maar protestant. De meeste mensen zeggen dan: “O ja, in het Noorden zijn ze allemaal protestant”, maar hij vroeg: “Bent u Ge-re-for-meerd?” Knap, hè?
Iedereen is ook hier weer heel erg vriendelijk, mensen maken heel snel een praatje en verbazend veel mensen spreken een mondje Engels of zelfs goed Engels. Een heel verschil met Spanje dus.
Halverwege mijn tocht kwam ik erachter dat mijn ene zool loslaat, dus ik moet daar een oplossing voor bedenken. Een schoenmaker onderweg heb ik niet gezien, maar volgens alweer een vriendelijke Portugees moet ik het gewoon met contactlijm proberen.
Verder was het vandaag bloedverzengend heet. Ik heb wel 10 km op een wit stenen pad gelopen in de volle zon. Nergens, nergens een greintje schaduw te bekennen. Zelfs mij werd dat te gortig, maar volgens een mevrouw uit het cafeetje, waar ik onderweg iets dronk, wordt het hier de ‘jungle’ van Portugal genoemd.
En ik heb maar liefst 32 km gelopen vandaag, niet gek voor een eerste dag. Ik had op een gegeven moment onderweg wel willen stoppen, maar er was geen slaapplaats te bekennen. De laatste kilometers was ik het wel goed zat, maar ik ben tot Verdailhe de Baixo gekomen en gelukkig vond ik meteen een kamer voor de leuke prijs van € 15.
Gedoucht, kleren gewassen en in de supermarkt lijm gekocht. Daar was ook een restaurantje, dus ik heb er iets gegeten en nu kruip ik lekker in bed en ga slapen. Morgen is er weer een dag.
A long way …
Latijnse landen
Gisteravond heb ik dus gegeten in een heel goed restaurant hier vlakbij. Een ander land heeft dan toch weer verrassingen, blijkt nu. Ik had besteld wat ik wilde eten en plotseling uit het niets brengt men vijf schaaltjes met van alles en nog wat: kaas, tomaten, smeerleverworst, vruchten, etc. Ook de rauwe ham die ik besteld had. Wat te doen? Ik heb de rauwe ham opgegeten en direct daarna haalt men de andere schaaltjes weer weg. Zonder vragen of commentaar. Volgens mij mag je daar wel van nemen en dan betaal je natuurlijk ook. Maar raak je het niet aan, dan is er ook geen man/vrouw overboord.
Er was trouwens nog een heel leuk voorval. Voor mij zit een jong echtpaar met een heel oude mevrouw te eten. ‘Oma’, zal ik maar zeggen, zit langs het gangpad waar ook de obers steeds langlopen. En na verloop van tijd probeert ‘oma’ steeds een tik op de billen van de langslopende obers te geven. In het begin is er niks aan de hand, maar na verloop van tijd zie je obers steeds krampachtiger met ingehouden achterwerk langs die tafel lopen. Waarschijnlijk was oma niet helemaal meer bij de tijd, maar het gaf wel een leuk effect waar ik veel plezier aan heb beleefd.
Vandaag ben ik eerst naar de correos (postkantoor) geweest. Om tien uur ging het kantoor open. Dan is er één ambtenaar aanwezig in trui en werkkleding. Hij heeft het heel druk met het installeren van foldertjes, lege bakjes, etc. Hij loopt driftig heen en weer, terwijl de klanten geduldig staan te wachten met hun nummertje in de hand. De man is na tien minuten ongeveer klaar en verdwijnt uit het oog. Even later komt hij dan weer binnen keurig in het pak met stropdas en al. Dan gaat hij pas zitten op zijn stoel en begint zijn dagtaak: het helpen van klanten. De ernst waarmee dit alles gebeurt, fascineert mij echt. En niemand klaagt. Geweldig! Daarom hou ik van Latijnse landen.
Daarna ben ik met de metro naar het centrum gegaan en heb daar midden op straat gegeten. Heel toeristisch en heel aangenaam. Daarna ben ik naar de kathedraal gelopen en daar vond ik het eerste teken van Santiago op de hoek van de kerk. Binnen heb ik mijn eerste stempel vast gehaald, dan hoeft dat morgen niet meer.
Ik heb nog geprobeerd om de kerk van de martelaren te vinden voor een echte credencial uit Portugal, maar dat is mij niet gelukt.
Toen heb ik een kaartje gekocht voor een hip-hop bus om Lissabon in twee uur te bezichtigen. Ik moet zeggen dat dat wat heet was in de zon boven op die bus. Het is wel een mooie stad trouwens. Ik heb onder andere ook het aquaduct van 6 km lang gezien van de Romeinen. Dat is het enige gebouw dat is blijven staan tijdens de aardbeving met sunami in 1754. Kun je nagaan wat een deskundigheid daar in zit.
Morgen ben ik van plan om bijtijds weg te gaan en dan gaat de echte tocht dus beginnen.
Met rugzak en wandelstaf
Wie nu al hoopt ontberingen te lezen, moet ik helaas teleurstellen, want ik ben alleen nog maar op weg naar de start en deed dit riant in een vliegtuig naar Lissabon. Gaat lekker snel, hoor.
Ik vertrok van huis in de plenzende regen. Dat schijnt er wel bij te horen, want ik ben elk jaar in noodweer van huis gegaan. Dus als ik weer terugkom, zal het ook wel weer noodweer zijn, het wordt traditie!
Om vijf uur vanmiddag vertrok het vliegtuig met mijn persoon, mijn rugzak, die aardig vaal begint te worden en…mijn wandelstaf. Met mijn rugzak en wandelstaf heb ik alle kilometers afgelegd, dus zonder die twee gaat het niet. Tenslotte heeft in 2006 een van mijn gastvrouwen die tak van twee meter hoogstpersoonlijk voor mij in het bos gezocht.
Dus ik heb die ouwe boomtak op het Kunstcentrum zorgvuldig in bolletjespapier verpakt alsof het een duur schilderij was. En ja, hij mocht mee in het vliegtuig als bijzondere bagage. Het meisje achter de balie wilde weten wat er in dat lange pak zat. Ik dacht: “Als ik zeg: ‘een ouwe boomtak’ belt ze een psychiater, dus ik hield het bij ‘een wandelstok’.
En zowaar… mijn attributen en ik kwamen heelhuids in Lissabon aan. Eerst even naar het hotel en daarna eten. Het was wel even tobben met de Portugese menukaart, maar ik heb lekker gegeten voor € 23.
Morgen ga ik Lissabon bekijken en zien of ik het Pelgrimbureau kan vinden om mijn startstempel te halen. Kan ik ook vast aan de warmte wennen, want het is hier warm.
Camino 2010
Door familie, vrienden en bekenden wordt mij zo vaak gevraagd wanneer ik weer op pad ga. Dus wat doe je dan? Je gaat er over nadenken en voor de zekerheid maar vast wat ‘rondjes’ lopen. Dat kan nooit kwaad voor de conditie. Zo heb ik in het voorjaar de wandeling gemaakt langs de Stelling van Amsterdam, ca 150 km. Leuk, maar nog niet het ‘echte’ werk. En enkele weken geleden nog het Oeverloperpad van Hoek van Holland naar Leerdam. Uiteindelijk ben ik gestopt in Buren. Die route kan ik iedereen aanraden: heel erg afwisselend en interessant. Tijdens die tochten heb je natuurlijk weer alle tijd om na te denken, onder andere over de route die ik zou willen lopen naar Santiago de Compostela. Er zijn nog vele mogelijkheden, maar vooral de Via de la Plata vanaf Sevilla en de Camino Portugues vanaf Lissabon lijken me leuk. Uiteindelijk is de keuze gevallen op de Camino Portugues. Ten eerste omdat ik nog nooit in Portugal ben geweest en ten tweede vanwege de lengte (650 km) van de route. Ik ‘moet’ namelijk van mijn zussen terug zijn voor het familieweekend van 9 oktober. Als alles goed gaat, kan ik er dan dus bij zijn.
Maandag 23 augustus ga ik van Schiphol naar Lissabon. Daar blijf ik dan een dag om iets van de stad te zien en dan ga ik aan de wandel. Ik heb diverse verslagen van mijn voorgangers gelezen en ben van plan de route te volgen uit de gids van John Brierly: A Pilgrim’s Guide to the Camino Portugues.
Gery probeert weer elke dag een verslagje op de website te zetten zodat jullie mijn belevenissen kunnen volgen.
Ik heb weer heel veel zin in de tocht en kijk nu al uit naar jullie reacties!
De stelling van Amsterdam
Het is voorjaar en dan begin ik weer een beetje onrustig te worden. Ik wilde nog wel eens uitproberen of die ‘papbenen’ van mij nog in een goede conditie zijn na zo’n lange rustperiode. Maar je moet natuurlijk altijd redelijk blijven en daarom heb ik het idee opgevat om de route langs de forten van de Stelling van Amsterdam te lopen. Die route begint in Volendam en eindigt ca 150 km verder in Muiden. Als je de route precies volgt, heb je bij aankomst in Muiden ca veertig forten, inundatiesluizen, dijken en munitiemagazijnen gezien.
Goed, ik ben dus op maandag 22 maart 2010 in Volendam begonnen. De start was heel koud, maar verder is het de hele week erg mooi weer geweest. Eigenlijk kende ik die stelling niet. Ik had er wel eens van gehoord, maar nooit iets bezocht. Dus verwachtte ik deze week toch wel een of ander fort te kunnen bezoeken. Dat gaat dus niet! In geen enkel fort heb ik deze week ook maar iets kunnen bezichtigen. Dat schijnt wel te kunnen, maar dan uitsluitend op speciale dagen: weekends of feestdagen bijvoorbeeld. Veel forten zijn verhuurd, vooral aan wijnhandelaren, maar ook allerlei andere bedrijven hebben ruimtes gehuurd, zoals restaurants of een schietvereniging. Ik heb dus alle forten van de buitenkant moeten bekijken.
Ik moet zeggen dat veel forten, van buiten althans, wel heel veel op elkaar lijken. En als je dan zo’n veertig forten bezoekt is het al een ‘gebeurtenis’ als er plotseling een rond fort blijkt te zijn, zoals bijvoorbeeld aan het Uitermeer.
Het is best een mooie route om te lopen, alhoewel er wel erg veel asfalt in zit. Een van de aardige dingen vond ik de contrasten tussen de verschillende dagen. Het begin in Waterland is heel weids en stil. Daarna naar Purmerend en de Zaanstreek, dus veel drukte. En dan langs Hoofddorp en Schiphol met de hele dag het geweldige lawaai van snelwegen, vliegtuigen en treinen. Vervolgens weer de route langs de Amstel na Uithoorn en de stilte bij Botshol, zo dicht bij Amsterdam en toch zo heel landelijk.
Het was een heel afwisselende route waar veel te zien is, maar waar ik waarschijnlijk op een andere keer met de auto langs zal moeten rijden om de forten van binnen te bezoeken.
Dat ga ik ook zeker doen!!
Camino Primitivo
Tja, ik ben weer thuis. Op maandag morgen ben ik om negen uur in Santiago in de trein gestapt en ik kwam dinsdag om één uur aan in Zaandam. Gery en Marnix gingen met het vliegtuig, maar dat ging mij veel te snel; na een wandeling van tweeëneenhalve maand kun je niet in tweeëneenhalf uur terugvliegen. Dan zou mijn lijf wel aankomen, maar mijn hoofd nog niet. Niet dat dat nu wel zo is. Als ik ’s nachts even wakker ben, is nog steeds mijn eerste gedachte: Waar ben ik?
Gisteren heb ik weer een stukje gewandeld hier in de omgeving en geloof het of niet, maar het was lastig. Geen rugzak, dus viel ik gevoelsmatig steeds voorover. Bovendien deden na een uurtje mijn voetzolen pijn, waarschijnlijk omdat ik andere schoenen aanhad. Kortom, het leven thuis valt nog heel niet mee.
Maar de thuiskomst was wel heel bijzonder, want Gery heeft tijdens mijn afwezigheid een schitterende lamp gemaakt in glas in lood.
Alles is erin verwerkt: de pelgrim met staf en rugzak, de gele richtingspijl van de camino, de schelp, ultreia en het wit-rood van de GR ’s. Heel erg mooi.
Van de buren kreeg ik behalve veel gelukwensen een heerlijke schaal met kaasjes en een fles wijn. Voor de geest en het lichaam is dus goed gezorgd.
Wat mij verraste is dat ik bij thuiskomst ineens heel anders tegen mijn eigen huis aankeek. Nou was dat ook weer niet zo gek, want Gery en de buren hebben intussen voor een nieuw hek tussen de tuinen gezorgd. Ik had daar altijd nee tegen gezegd, dus er is geprofiteerd van mijn afwezigheid, je kunt ook geen minuut van huis zijn of ze halen stiekeme dingen uit. Maar ik moet toegeven dat het wel erg mooi is geworden.
Verder lijkt alles toch anders en aan veel zaken heb ik maanden niet meer gedacht. Ik moet echt nog ‘landen’.
Ik heb nu de tijd om alle verslagen en commentaren op de website te herlezen. Wat een herinneringen komen er dan weer terug en misschien klinkt het overdreven, maar ook: wat een heimwee. Naar die dag over het voor mij hoogste stuk van de Picos de Europa bijvoorbeeld via Hospitales. Een dag om nooit meer te vergeten en een letterlijk en figuurlijk hoogtepunt. Maar ook naar de noordkust van Spanje met zijn baaien en rotsen aan de ene kant en hoge bergen aan de andere.
Het was mijn derde camino. Veel mensen vragen me nu welke de mooiste was. Dat kan ik echt niet zeggen, want ze waren alledrie heel verschillend:
De eerste in 2006 vanaf Zaandam via Le Puy naar de Camino Frances was een echte pelgrimage: veel cultuur, veel geschiedenis en vooral veel nadenken.
De tweede in 2007 was zwaarder, maar ook korter. Van het Romeinse Arles via Hendaya en de prachtige Camino del Norte was meer sportief en minder spiritueel.
En dan nu in 2009 de derde: Vanaf Limoges weken alleen gelopen tot Monreal du Gers. Dat was misschien wel goed om mee te beginnen, dan kom je jezelf meteen goed tegen. Daarna was ik weer blij pelgrims tegen te komen op het stuk naar St. Jean Pied de Port. Toen via de GR 10 dwars door de Pyreneeën naar Hendaya. Dat was werkelijk erg zwaar om te doen, maar het is goed afgelopen en ik heb er een goed gevoel aan overgehouden. De natuur was er een droomwereld die ik niet kende, maar ik heb mezelf daar ook heel, heel klein gevoeld. Ook dat hoort bij een pelgrimage. Vervolgens weer die mooie kust en daarna het mooiste van alles: de Camino Primitivo door en over de bergen van Oviedo via Hospitales naar Lugo. Kortom, een afwisselende, geweldige route met alle ingrediënten voor een pelgrimage.
Ik weet niet of ik nog een keer naar Santiago zal lopen. Vanaf Lissabon en vanaf Sevilla moet het ook erg mooi zijn, hoorde ik. Maar aan de andere kant wil ik niet meer zo lang van huis zijn. De tijd zal het leren.
Ik heb op de Cabo Fisterra weer kleding verbrand. Dus het oude is weg, we beginnen weer opnieuw. De zon ging overweldigend mooi onder in de oceaan en kleurde de lucht veelbelovend……dus wie weet wat er nog komt!
Voor nu wil ik iedereen heel hartelijk bedanken voor alle reacties: op de website, per sms of telefoon, per kaart of brief. Het was geweldig.
Pelgrim Theo gaat nu weer gewoon terug naar het dagelijks leven, maar wel met een schat aan indrukken en ervaringen, die een leven lang zullen meegaan.
Het ga jullie goed: Ultreia en Buen Camino!!
Avond in Fisterra
Nou, van slapen kwam niet zoveel. De hele nacht was er een gigantisch kabaal in de bar, zodat van de weeromstuit de koeien ook begonnen te loeien. Om half zes vertrok de eerste pelgrim al. Dan ben je vanzelfsprekend zelf ook wakker en van schrik vertrok ik toen ook maar vroeg: om kwart voor zeven! Omdat de bar de hele nacht open was geweest, kon ik daar ook al vroeg een ontbijt scoren, terwijl de laatste dronkelap nog stond uit te huilen bij de kroegbaas. De hele vloer lag bezaaid met glas en bier, maar de ochtendkoffie smaakte perfect. Ik ging op pad in het stikkedonker, je kon geen hand voor ogen zien. De eerste kilometers gingen over een holle weg, dus ik moest met mijn stok in het donker voelen waar het pad liep.
Na een uur werd het licht en zag ik een fantastische zonsopgang.
De eerste bar voor de koffie kwam na 6 km, daarna ging het over heidevelden, heuvel op en heuvel af, maar 15 km geen enkele gelegenheid voor koffie of iets anders. In Cee ben ik langs de gewone weg gaan lopen, langs het hotel waar Gery en Marnix sinds twee dagen verblijven.
Gegeten heb ik in een bar langs de weg en daarna liep de route steeds langs de kust met uitzicht op de zee en mooie strandjes. Al snel zie je dan Cabo Fisterra, het doel van vandaag en het doel van de reis. Dat motiveert je om te lopen enerzijds, want je ziet het doel. Maar……… Je weet ook dat het bijna afgelopen is en dat dit de laatste meters zijn en dat motiveert je dan eigenlijk weer niet om door te lopen, maar om lijn te trekken en uit te stellen. Het is duidelijk een heel dubbel gevoel.
Vlak voor Fisterra gaat de route over het strand. In de albergue van Fisterra heb ik mijn certificaat afgehaald voor de Camino Santiago–Cabo Fisterra. Toen was er alleen nog het allerlaatste stukje: de weg omhoog van Fisterra naar Cabo Fisterra, een wandeling van nog ongeveer 3 km. Vooral op dat stuk gaan je gedachten terug naar wat je nu allemaal in de afgelopen maanden gelopen en beleefd hebt vanaf Limoges.
Gery en Marnix stonden al op de uitkijk. Bij een standbeeld van een pelgrim kom je door de bocht en dan zie je de vuurtoren heel dichtbij ineens.
Na een toch weer emotionele begroeting heb ik eerst een foto laten maken bij kilometerpaal 0,00 en daarna was er weer het symbool van het afleggen van je oude leven en het begin van je nieuwe leven: het verbranden van je kleren.
’s Avonds hebben we met zijn drieen (en uiteraard veel andere pelgrims) op de kaap naar de zonsondergang gekeken en de zon letterlijk in zee zien zakken. Een indrukwekkend gezicht en dan te weten dat eeuwen geleden mensen hier al naar toe kwamen om de zon onder te zien gaan en dan dachten dat de zon naar de onderwereld ging.
Een mooie wandeling is voltooid.
Naar de paardenstal
Na het ontbijt in het hotel zijn we om acht uur vertrokken bij schitterend mooi weer. Dat is bijzonder, want in Galicië regent het heel erg vaak. De weergoden zijn dus met ons. Pauline en ik lopen ook vandaag weer samen en Pauline leert mij Zuid-Afrikaanse woorden als: een petroljochie voor een pompbediende, een vuurstokkie voor een lucifer en een webbladzijde in plaats van een website. Dus jullie zien: het is niet alleen lopen, maar ook nog intellectueel bezig zijn. Omdat het zulk mooi weer is, lopen we door schitterend Gallicisch landschap: heel groen, veel afwisseling tussen bossen, weilanden, landbouwgrond en hei.
Naast de afwisseling in landschap is er ook heel veel afwisseling in pelgrims, want het is weer heel erg druk. We lopen vandaag naar Olveiroa, waar de herberg in een boerderij gevestigd is. Bij aankomst blijken er nog maar twee bedden te zijn in een ruimte die in de paardenstal is gemaakt en daar ruikt het dan ook naar. Maar we zijn al blij dat we een bed hebben, want na ons worden er kartonnen dozen uitgevouwen en op de betonnen vloer van de paardenboxen gelegd en daar komen dan de opblaasmatrasjes te liggen.
We eten in de bar, die in de boerderij is gekomen. Die is nieuw, althans drie jaar geleden was hij er nog niet, toen zaten we met zijn allen om de tafel bij een grote pan soep.
Vroeg naar bed, want morgen wacht ons een lange laatste dag.
Het toetje
Gery en Marnix hebben me vanmorgen weer naar het plein voor de kathedraal gebracht en voor de laatste paar dagen ben ik nog even op pad.
Toen ik het plein afliep, was er een andere pelgrim die vroeg of ze een stukje met me mee mocht lopen om de stad uit te komen. Zij vroeg dat in het Engels, maar al gauw bleek dat ze Zuid-Afrikaanse is met Nederlandse wortels. Ze woont al vijftig jaar in de omgeving van Kaapstad en haar moeder komt zelfs uit Barendrecht. De verrassing werd nog groter toen ik haar naam hoorde: Ze heet namelijk Pauline van de Vijver! Dus Pauline, je bent de enige niet met die naam, blijkt nu.
We hebben de hele dag samen gelopen. De route ging door de bossen die drie jaar gelden net verbrand waren. Je ziet er nu nauwelijks meer iets van. Zo af en toe staat er nog een zwartgeblakerde boomstam tussen de varens, maar verder is alles weer helemaal dichtgegroeid. Overigens wordt de route naar Finisterra steeds populairder kennelijk, want het is ontzettend druk. Veel drukker dan drie jaar geleden. Zo druk, dat de albergue van Negreira stampvol was. Zo vol dat buiten slapen ook niet meer mogelijk was. Daarom besloten we in Negreira in een hotel te gaan slapen. Gegeten hebben we in een bar 100 meter verderop. En zo hebben we nu de situatie dat twee degelijk getrouwde mensen, de een eenenveertig jaar getrouwd, de ander zevenenveertig jaar getrouwd, samen op een hotelkamer slapen en dat nog op de website zetten ook.
Ik ben er weer!
Om acht uur het ontbijt gescoord en daarna op pad voor de laatste kilometers naar Santiago de Compostela. Het is de derde keer dat ik dit laatste stukje loop en het blijft een belevenis.
Stipt op de afgesproken tijd liep ik na een korte wandeling van 5 km het plein van de kathedraal op en, ook al is het nu al de derde keer, de aankomst was ook nu weer emotioneel. Gery en Marnix stonden dit keer op de goede plek en ik heb er nog even over gedacht om zelf nu aan de zijkant ‘op te komen’ en dan een sms-je te sturen naar hen, maar dat doe je natuurlijk toch niet, want de aankomst hoort echt op het plein zelf te gebeuren.
Na de begroeting was de eerste gang natuurlijk naar het pelgrimsbureau om mijn derde compostela te halen. Ook nu weer was het erg druk met pelgrims en was het geduld en wachten geblazen. De allerlaatste beproeving voor de pelgrim.
De volgende rit was naar het postkantoor om daar alle kaarten in ontvangst te nemen. Cees en Corrie, Jan en Marja, Jan en Olga, Rina en Andries, Arij en Ellen, en natuurlijk Peter uit Veere, heel hartelijk bedankt voor de kaarten en mooie woorden daarbij.
Toen zijn we met zijn drieën lekker gaan eten en toen op naar het station om mijn treinkaartje te kopen. Maandagochtend om kwart over negen vertrek ik en dinsdagmiddag om ongeveer half één ben ik in Amsterdam.
Dan is het dus echt allemaal voorbij, maar nu ga ik nog even drie dagen genieten en een eindje wandelen: op naar Cabo Fisterra!!






