2006: Camino Frances

Een engel

25,17 km – 35.966 stappen / totaal 1608,05 km – 2.317.105 stappen

Het contact is toch gelukt. Vanmorgen ben ik vroeg weg gegaan in mijn schoongewassen kleren, die niet alleen schoon zijn, maar ook schoon ruiken, heerlijk. Ik wilde onderweg naar Le Sauvage gaan, een boerderij waar je allemaal natuurproducten kunt eten en kopen, zodat ik Jinze kon vertellen hoe biologisch het hier allemaal toegaat. Dat was 4 km om, maar daar maal ik niet om op zo’n grote afstand. Goed, ik kwam er, er was wel een gebouw, maar verder was er ook helemaal niets, echt totaal niets. Alleen een fonteintje waar je een slok water kon drinken. Dus onverrichterzake weer terug naar de route. Daar kwam ik het Franse echtpaar weer tegen, dat er ook hevig over liep te mopperen. Gezamenlijk besloten we toen bij de kapel van St. Rochus iets te gaan drinken. Leuk plan, maar ook daar was helemaal niets, dus dat was al twee keer niets. Toen had ik zo de pest in dat ik regelrecht ben doorgelopen naar St. Alban.

Het was een mooie route vandaag met mooie uitzichten en niet zo’n ‘benenbreker’. St. Alban ligt wel op 1400 meter hoogte, maar de weg erheen is niet zo steil. In St. Alban bracht Jacobus me eerst in verzoeking door langs de kant van de weg een bord te plaatsen van een hotel met zwembad. Dat klinkt heel erg aangenaam als je het warm hebt, maar moedig weerstond ik de verleiding en sprak mezelf streng toe: “Nee Theo, dat doe je niet, je gaat gewoon op zoek naar een camping!” Inmiddels was het half twee toen ik op de camping aankwam en dit keer ontvangen werd door een chagrijnige man. Ik vroeg of ik nog wat kon eten, maar dat kon niet, hij had niks meer te eten, ik kon een pilsje krijgen en dat was het. Nou, dan maar een pilsje. Terwijl ik die zat op te drinken, riep een vrouw van boven: “Als die meneer wat pates wil hebben, kan ik dat wel even maken, hoor!” Dus de man weer chagrijnig: “Wil je dat?” Ik: “Ja graag, als het kan”. En een paar minuten later zat ik achter een dampend bord spaghetti, met boeuf bourguignon, een halve meloen, brood en twee kaasjes. Dus ik zeg tegen die mevrouw: “U bent een engel en te goed voor deze wereld.” Zij antwoordt: “Ja, dat klopt, want ik ben met deze man getrouwd en ik heet Gabriëlle!” Zulke dingen maken mijn hele dag weer goed. Enfin, na het eten ga ik de camping op en wat is het eerste dat ik zie? Een groot zwembad!! Jullie zien, Jacobus zorgt voor hem, die de verleidingen kan weerstaan.

zwembad-web Dus nu zwem ik af en toe een baantje en lig verder op mijn luchtbedje in de zon, die weer verschenen is na een onweersbui. Ik zie er niet uit, want sommige delen van mijn lichaam zien spierwit en andere zijn donkerbruin, dus die witte stukken ben ik nu aan het bijkleuren. Ja, het leven van een pelgrim is soms echt wel uit te houden.
Overigens is het vanaf Le Puy nu net alsof je langs de autoroute rijdt: overal bordjes met reclame voor overnachtingen en aanbiedingen voor pelgrims, overal bordjes met schelpen en je bent overal welkom. Arij, je vroeg of er vijftig pelgrims tegelijk uit Le Puy vertrokken en ik kan je vertellen dat het een rustige dag was! En gezien de vele overnachtingsmogelijkheden hier schrikken ze ook niet terug van vijfhonderd per dag. Wat betreft je grap over de Hellingman-bus: In de gîte waarin ik vannacht geslapen heb, hing een reclamebriefje van een man, die met een busje je bagage en/of jezelf overal op de route brengt, waar je maar heen wilt. Je ziet, ook hier heeft de commercie toegeslagen. Verder staan er ook overal bordjes met daarop het aantal kilometers dat je nog van St. Jacques de Compostela verwijderd bent. Ik heb nog 1475 km te gaan. Ik zit niet echt op al die bordjes te wachten, maar nou ja, het hoort erbij en dit is het enige waarmee men hier wat kan verdienen.

Het weer hier in de Aubrac schijnt erg wisselvallig te zijn. Gabriëlle vertelde, dat ze eind mei twee Australiërs had, die gezeten bij de open haard naar buiten naar de sneeuw zaten te kijken. Die rolden zowat van hun stoel, want ze hadden nog nooit sneeuw gezien en een open haard kenden ze alleen buiten. Dat je binnen ook zo’n ding kon hebben, daar hadden ze nooit bij stil gestaan. Ik stop, want ik moet hoognodig weer even een koele duik nemen en dan verder zonnen.

Categorieën: 2006: Camino Frances | 4 reacties

Chanaleilles

29 km – 47.146 stappen / totaal 1582,88 km – 2.281.139 stappen

Vannacht heeft het hard geonweerd en geregend, maar toen ik vanmorgen om kwart voor zes(!) mijn bed uitkwam was het weer droog. Om half zeven ben ik gestart en moest die kloof nu dus weer uitklauteren. Het was een zware klimpartij, maar in de kloof was het nog wat nevelig en bovenaan zag ik de zon opkomen. Het was een schitterend gezicht, dus dat vergoedt veel. Toen ik boven was, heb ik me eerst maar even bij Gery present gemeld en net wat ik dacht, moppers omdat ze geprobeerd heeft me te bellen en te sms-en en ik geen antwoord gaf. Ze had zich ongerust gemaakt. Er wordt goed op deze pelgrim gelet dus.

Toen ik eenmaal boven was, werd de weg weer een stuk gemakkelijker en liep ik lekker, zo lekker dat ik een aanwijzing voorbijgelopen ben. Dus ik keerde op mijn schreden terug en na een tijdje kwam ik mensen tegen, die ik in Monistrol ook gezien had. Die vroegen natuurlijk of ik spijt had en weer terugging naar Le Puy of dat ik nu al op de terugweg was. Ik ben weer omgedraaid en op mijn gemakje er achteraan gelopen. Toen zag ik de aanwijzing die ik net gemist had en ……. de anderen zagen hem ook niet en liepen er dus voorbij. Toen was het mijn beurt om te vragen wat ze vannacht eigenlijk uitgehaald hadden, omdat ze nu liepen te slapen.

Het weer is nu prima, niet te warm, wel zon en een lekker windje. Het enige minpuntje was vandaag, dat ik pas om elf uur ergens een ontbijt en koffie kon bemachtigen. Vanmiddag was het weer veel meer klimmen en dalen, maar ik was om half vijf in Chanaleilles, de plaats van bestemming voor vandaag, op 1150 meter hoogte. Ik heb een gîte op een boerderij en ben de enige gast. Voor overnachting, avondeten en ontbijt betaal ik € 30 en voor € 4 meer doet mevrouw de was erbij. Nou, dat heb ik meteen gedaan, dus nu heb ik de luxe dat ik er lui bij gezeten heb, terwijl de was draaide. Alles hangt nu weer brandschoon te wapperen aan de lijn, ideaal! Het was wel nodig ook dat het allemaal een keer goed gewassen werd, want ik kreeg het niet meer zo goed schoon. Suzanne mopperde daar een paar weken geleden al over, dus je snapt dat het er sindsdien niet beter op geworden is. Ik heb nu net gegeten en het was weer overdadig. Ik vergiste me weer lelijk, want ik kreeg een grote omelet met heel veel champignons en meteen zette ze ook de kaas op tafel. Dus ik dacht zorgelijk: “Nou, als dit alles ik wat ik krijg, heb ik vast niet genoeg.” Mijn zondige gedachten werden daarna flink afgestraft, want na de omelet kreeg ik een lap vlees, waar je niet overheen kon kijken en een grote schaal met gegratineerde aardappelen. Ik kon het echt niet allemaal op, maar kreeg vervolgens bij de kaas ook nog sla en een appel toe. Ik geniet nog steeds enorm van alles, het blijft geweldig allemaal. Het gaat allemaal ook erg goed tot nu toe. Ik heb alleen een paar open plekjes aan mijn voeten, waarschijnlijk door de warmte. Vergeleken met pelgrim Jos is dit helemaal niets, want diens voeten zagen er heel wat zorgelijker uit. Hij had zelfs een stuk uit zijn schoen gesneden, omdat het te zeer deed. In een gesprekje met mevrouw hier zei ik dat ik hoopte dat ik het zou halen, maar dat ik dat niet wist en toen zei ze: “Waarom zou je het niet halen? Je hebt het tot hier toch ook gehaald?” Ja, als je het zo bekijkt. Voorlopig wandel ik dus gestaag door en geniet van elke dag!

Ik heb Geer meteen nu maar vast gezegd, dat ik morgen waarschijnlijk niet kan bellen, aangezien mijn saldo bijna op is en ik waarschijnlijk dat morgen niet kan aanvullen, omdat er niets open is. Dan hoeft ze zich in ieder geval niet ongerust te maken. En jullie dus ook niet. Au revoir!

Categorieën: 2006: Camino Frances | 1 reactie

Met de zegen verder

35,52 km – 50.749 stappen / totaal 1553,88 km – 2.233.993 stappen

Vanmorgen ben ik dus eerst naar de mis geweest met nog vijftig andere pelgrims. De bisschop preekte over de Emmausgangers en we kregen dus ook allemaal de bisschoppelijke zegen. Het was mooi, maar ik merk dan toch dat ik meer protestantse genen heb dan katholieke. Na afloop mochten we allemaal een briefje pakken met goede wensen en gebeden, die mensen voor ons geschreven hadden. We kregen ook een bedeltje van de Zwarte Madonna, die zal ik bewaren voor Gery. Daarna ben ik de trappen van de kathedraal weer afgedaald om mijn weg te vervolgen. Het eerste stuk was vrij makkelijk en ik ben zo lekker opgeschoten, dat ik al om half drie in St. Privat was, waar ik wilde overnachten. Ik vond het nog vroeg en dacht: “Komaan, ik loop nog wat verder!” Dus dat heb ik gedaan, maar alleen bleek toen het volgende stuk niet zo’n makkelijke weg te zijn en was het weer klimmen en klauteren geblazen. Ik wilde naar Monistrol, maar Monistrol ligt helemaal beneden in een kloof en dat betekent dus dat je naar beneden moet via een erg steile afdaling. Ik ben er natuurlijk wel gekomen, maar inmiddels was het zes uur ’s avonds. Enfin, mijn tentje opgezet en gegeten op de camping. Dat was niet lekker! Er is een Nederlands echtpaar op de camping, aardige mensen en dat ging naar het voetballen kijken, want Nederland moet tegen de Ivoorkust. Kun je nagaan, ik had geen flauw idee dat er gevoetbald werd, maar ik begrijp dat het in Nederland een en al oranje is. Wat lijkt dat ver weg.

Ik heb geprobeerd Gery te bellen, maar omdat ik in die kloof zit, heb ik geen bereik. Dus nu schrijf ik alles maar op een gewoon papiertje, dan kan zij het morgen wel op de website zetten. Ik zal wel moppers van haar krijgen dat ik niet bereikbaar ben, maar ja, ik kan er ook niets aan doen. C’est la vie!

Categorieën: 2006: Camino Frances | 1 reactie

Emoties

Theo-rust-uit-web

Hebben jullie nou je zin? Zit ik hier op een bankje te janken met een berg post naast me. Vanmorgen ben ik naar het postkantoor geweest en toen was er nog niets. Dus ik dacht: “Dat is logisch, want het stond vrij laat op de website.” Dus toen maar naar de kapper en ik heb nu een heel kort koppie, zogezegd geen pelgrimsmanen. Vanmiddag toch nog even het postkantoor binnengewipt en ja! Geweldig van jullie, heel hartelijk bedankt Arij, Ellen, Andries, Rina, Ton, Suzanne, Cees, Corrie, Bep, Jan, Olga!! Ik ben er van de emotie vast nog een paar vergeten te noemen, vergeef het een oude pelgrim dan. Ton en Suzanne, dankzij jullie boekje kan ik straks wellicht iets in het Spaans zeggen!

Ik zit nu met allemaal jonge gasten, die waanzinnig veel lawaai maken met spelletjes aan de computer, hier in Le Puy in een internetcafé. Vandaag dus een rustdag en dat valt eigenlijk helemaal niet mee. Vanmorgen om zeven uur vertrokken veel pelgrims, en dan bedoel ik tientallen, naar de kathedraal om daar de pelgrimszegen te krijgen van de bisschop. Elke morgen om zeven uur is er een pelgrimsmis en dan worden de namen van de pelgrims voorgelezen die gaan vertrekken richting St. Jean Pied de Port. Morgenochtend ben ik ook van plan daar aan mee te doen.
En dan begint eigenlijk het tweede deel van de reis. Ook heb ik inderdaad het gevoel dat de reis zelf het belangrijkste is. De aankomst lokt me nog niet, omdat het dan echt afgelopen zal zijn. En ik geniet er juist zo erg van.
Gisteren was de binnenkomst in de kerk (en dat had ik niet verwacht van mezelf) erg emotioneel. Omdat er veel toeristen in de kerk waren, hoorde ik overal om me heen fluisteren: “Kijk, een echte pelgrim, hij heeft een schelp!”. In het Frans, Duits, Engels en inderdaad ook een paar keer in het Nederlands. Als je dan die trapppen oploopt, waarvan je weet dat miljoenen pelgrims dat al duizend jaar doen, zet dat je aan het denken, zal ik maar voorzichtig zeggen. Leuk ook, al die reacties elke dag. Jullie moeten nou ook weer niet al te zeer gaan prijzen, hoor, want zo veel anderen doen het ook.

Leuk is het wel, zoals de mevrouw die me vroeg of ik haar een kaartje wilde sturen uit Santiago en terwijl ze dat zei een kruisje sloeg. Kijk, dat zijn voor mij nu mooie momenten. Iedereen een pelgrimsgroet van Pelgrim Theo.

Categorieën: 2006: Camino Frances | 2 reacties

Weer een doel bereikt

28,22 km – 40.824 stappen / totaal 1518,36 km – 2.183.244 stappen

Ruim twee maanden later, ruim 1500 km verder en na ruim twee miljoen stappen heb ik mijn tweede doel: Le Puy, bereikt!! Vanaf hier ga ik nu dwars door Frankrijk naar de Spaanse grens.

Le-Puy-web

Het was vandaag weer heel zwaar bij 33 à 34 graden en ik ben weer tot grote hoogte gestegen. Heel in de diepte zag ik de gorges van de Loire liggen, een mooi gezicht. Verder kwam ik langs het kasteel Polignac, daar woont de oudste adellijke familie van Frankrijk. Aangezien ik op deze tocht kind aan huis ben bij de adel, had ik natuurlijk wel even op de koffie kunnen gaan, maar ach, een mens dient bescheiden te blijven.
Van heel ver weg zie je de stad Le Puy al in de diepte liggen en dat is een machtig gezicht. Je ziet echt twee pieken omhoog steken, één waarop een kerkje staat en de ander waarop een groot Mariabeeld staat. Jaren geleden zijn we hier op vakantie ook geweest en zijn we die pieken opgeklauterd. Je kon toen ook in het beeld klimmen en in de rok van Maria hadden ze kijkgaten gemaakt voor het uitzicht. Of dat nu nog kan, weet ik niet, ik denk niet dat ik dit nu ga doen, ik klim al genoeg. En dan zie je verder de grote bult waarop de kathedraal staat. Het is echt heel indrukwekkend en toen ik eenmaal in de kathedraal was, deed me dat toch weer een heleboel. In de kathedraal staat, behalve de Zwarte Madonna, een Mariabeeld van zwarte lavasteen, ook een beeld van St. Jacob. Voor dat beeld is een kluisje, waarin mensen hun gebeden en goede wensen kunnen doen en die worden dan elke morgen tijdens een dienst aan de pelgrims die vertrekken, uitgereikt. Hier is dat elke dag, in Vezelay was dat alleen op zondag. Pelgrim Hans, met wie ik een paar dagen ben opgetrokken, is priester en die mocht toen in Vezelay in het Nederlands de zegen geven. Dat deed hij natuurlijk en daarna riep hij: “Jongens, we gaan het halen!”

Ik kwam hier ook Jos weer tegen, de pelgrim die in Le Puy in een hospitium ging werken. Dat heeft hij gedaan en nu gaat hij ook weer verder. Het was stom toeval, maar erg leuk, dus we zijn lekker op een terras gaan zitten om bij te praten. Toen werd het nog toevalliger, want er kwamen twee dames voorbij lopen die vriendelijk: “Dag Jos” zeiden en dat bleken twee dames te zijn uit de straat waarin hij woont. Zo zie je maar hoe klein de wereld soms is.

Ik vind het allemaal nog steeds geweldig: op sportief gebied, want je moet toch elke dag weer een prestatie leveren, maar zeker ook vanwege alle ontmoetingen en het feit dat je bezig bent met heel andere dingen dan waarmee je thuis bezig bent. De groep Franse pelgrims waarmee ik liep, voorspelde lachend dat ik straks, als ik weer thuis ben, psychische hulp nodig zal hebben. Zo erg zal het niet zijn, ook dat went weer, maar voorlopig ben ik blij dat het zover nog niet is!

Goed, morgen ga ik dus van mijn rust genieten, ik ben benieuwd hoe dat zal bevallen!

Categorieën: 2006: Camino Frances | 2 reacties

Mijn stok en mijn staf vertroosten mij

22,58 km – 32.380 stappen / totaal 1490,14 km – 2.142.420 stappen

stok-web

Ook vandaag was het best een zware dag, maar ik hoefde minder ver dan gisteren. Het pad is ook hier erg slecht met heel veel rolkeien. Die kan ik wel ontwijken door gewoon op de N-weg of D-weg te gaan lopen, maar dat is niet erg leuk, want dan is het gewoon erg druk, moet je iedere keer uitwijken voor auto’s en dat is gewoon toch minder leuk. Ik loop nu weer op de Grande Randonnée, maar er zijn nog steeds niet veel mensen en de mensen die je ziet zijn vooral Duitsers en dat is logisch natuurlijk. Er zijn ook weinig dorpen langs dit stuk, dus koffie ’scoren’ is ook moeilijker. Het is prachtig droog weer, maar 32 graden is wel warm met een rugzak op je rug (lijkt me wel de meest logische plaats voor een rugzak). Ik heb heel veel plezier van mijn stok, dus met recht kan ik zeggen dat mijn stok en mijn staf mij vertroosten. Aardig is dat, weer komt uit wat ik in Zaandam ook al vaak zei: “Het is allemaal waar, maar heel anders dan je denkt”. Kijk, daar heb ik nu toch ook eindelijk een filosofische gedachte!
Stel je daar nou ook weer niet te veel van voor, want soms betrap ik mezelf erop dat ik bijna tegen die stok loop te lullen, zo van: “Kijk opa weer eens in de weer zijn” of “Nog effe”. Ik bedoel maar, het is in ieder geval heel anders dan het dagelijks leven en tegelijk bestaat het ook uit gewone alledaagse dingen en dat maakt het nou leuk. Althans, dat denk ik, want als Gery vraagt of ik het nog wel leuk vind, kan ik alleen maar bedenken dat ik het nog steeds geweldig vind en waarom nou precies?? Geen idee, maar het is wel zo. En het is zo waar, wat Wim schrijft: “Het is de reis die telt, niet de aankomst.” Ik vind het nog steeds geweldig, al die interesse van jullie en die aanmoedigingen. Dat is ’s avonds mijn eerste vraag: “Staat er nog iets op de website?” En Gery vertelde dat ze nu doet, waar ze mij vaak om uitgelachen heeft: als ze naar bed gaat of eruit komt, eerst even achter de PC om te kijken of er nieuws is. Ik deed dat altijd met mijn mails.
Als ik het overdag erg warm heb of ik loop te zwoegen heb ik heus wel eens de pest in natuurlijk, maar als ik dan aangekomen ben en lekker gedoucht heb, is dat zo weer vergeten en geniet ik alleen maar van alles wat ik beleef. Vanavond ook weer. Ik zit hier in een hotel in Vorey, een ‘Logis de France’, dus toch een respectabel hotel. Op mijn kamer is zelfs telefoon, dus ik sms naar Gery het nummer, dan hoeft ze niet mobiel te bellen en is het goedkoper. Dat doet ze ook, maar de telefoon in mijn kamer rinkelt niet. In plaats daarvan wordt er opeens op de deur geklopt en daar staat iemand van het hotel met een draagbare telefoon aan zijn oor, die meldt dat hij iemand aan de telefoon heeft voor mij, mij de telefoon overhandigt en vriendelijk vraagt of ik de telefoon straks even terug wil brengen naar de receptie. Dat is toch schitterend? Krijg ik Gery aan de telefoon en die ligt dubbel, want ze heeft alles gehoord, hoorde hem lopen en aankloppen, enz. Het zijn allemaal maar kleine dingen, maar als je ze ziet kun je daar zo’n lol om hebben. Het is en blijft dus genieten, ook al is het af en toe zwaar. Morgen hoop ik de Zwarte Madonna in Le Puy te kunnen begroeten!

Categorieën: 2006: Camino Frances | 11 reacties

….. en hoe ver

Dit was de allerzwaarste dag tot nu toe. Het was echt afzien. Niet dat-ie slecht begon, integendeel. Gisteravond heb ik echt het traditionele Franse voedsel op: soep vooraf met een scheut crème de cassis erin en daarin sop je dan je brood, vervolgens een omelet met pietepeuterig kleine champignonnetjes erin, die door madame zelf in het bos gezocht worden, echt overheerlijk, een aantal forse kazen en een yoghurt toe. En zo was het ook met het ontbijt vanmorgen: een grote kom koffie met hompen brood erin. Er was ook boter en confiture en toen ik later dus een stuk brood smeerde en er confiture opdeed, zei madame: “O ja, zo doen ze het in andere streken”. Met de belofte een kaartje te sturen als ik in Santiago ben en beslist terug te komen samen met Gery, ging ik vervolgens welgemoed op pad.

Maar die moed is me vandaag echt wel een paar keer in de schoenen gezakt en ik heb grote schoenen. Het was 32 graden en een bere-eind en onderweg was er letterlijk niets, geen restaurantje, geen barretje, zelfs geen bakker. Ik kreeg water van een meneer die in de tuin zat, anders had ik zelfs dat niet gehad. Toen ik op een bankje in de schaduw ging eten en mijn worst aansneed, sneed ik in mijn duim, bloeden als een rund natuurlijk. Dus ik heb die duim fraai verpakt met de spullen uit mijn EHBO-doosje en op dat moment kwamen de vijf pelgrims langs, waarmee ik een paar dagen geleden gegeten heb. Die waren uiteraard vol bewondering voor mijn verbonden duim en dat was even gezellig. Ik heb hen onderweg nog een paar keer ontmoet. Verder liep ik door eindeloze bossen en steil omhoog en er kwam een moment dat ik dacht: “Dit haal ik nooit”. Op dat moment stuurde Jacobus een echtpaar langs, dat vroeg of ik met hen mee wilde lopen een stukje, want zij wonen aan de route. Dat heb ik dankbaar aangenomen en ik kreeg er koffie, heb het gastenboek gelezen en getekend uiteraard. Daar knapte ik weer van op. Toen ik verder ging, gaf mevrouw mij haar eigen stok mee, want zonder stok was het geen doen volgens haar. Dus nu heb ik weer een staf zogezegd.
En dankbaar dat ik voor die stok geweest ben, want die was heel erg handig. Daarmee kun je beter je evenwicht bewaren, want niet alleen dat het erg steil is, de weg bestaat ook uit rolkeien, dus voor je het weet, lig je ondersteboven. Met een zware rugzak is het moeilijk je evenwicht te bewaren. Zo ben ik drie keer naar meer dan 1000 meter hoog gestegen en ook weer afgedaald. Om uiteindelijk in Retournac te komen, moest ik aan het einde van de dag ook nog weer eens 700 meter stijgen. Ik heb gelopen van acht uur vanmorgen tot zes uur vanavond en dat in deze hitte.

Maar….ik ben er gekomen, zit nu in een hotel met kamer, diner en ontbijt. Dus ik hoef de deur niet meer uit vanavond. Op de kamer is het niet zo warm, ik heb heerlijk gedoucht en nu ben ik weer lekker opgeknapt.

Ik hoop over twee dagen in Le Puy aan te komen en dan neem ik weer eens een dagje rust, dat heb ik dan wel weer verdiend.
Ja mensen, het begint op een echte pelgrimstocht te lijken……ultreia! Dat betekent, voor wie het niet weet: ‘Tot het einde’!

Categorieën: 2006: Camino Frances | 4 reacties

12-6-2006: Het thuisfront

Hoe gaat het inmiddels met het thuisfront? Laten we zeggen: het thuisfront heeft het warm, zeer warm en wie mij kent, weet dat het leven dan een grote klaagzang is voor mij. En ik krijg dan ook onmiddellijk een vreemd soort stoornis: in plaats van een schaduwrijk plekje op te zoeken en me verder niet te bewegen, denk ik: “Ik heb het nu toch al bloedheet, dus ik kan net zo goed iets gaan doen, dan gaat de tijd sneller en is het eerder avond”. Maar ik kan jullie nu tenminste trots vertellen, dat ik een beeldschone tuin heb, waarin geen sprietje gras meer tussen de tegels te vinden is en waarin een halve meter hoge laag onkruid gewied is. Ik vrees hierbij ook enig niet-onkruid gewied te hebben, want soms zat er een soort bol aan het eind, die verdacht veel leek op de bollen die Theo ooit geplant heeft. Maar ja, dat zie je pas als je het er al uitgetrokken hebt toch? Ik dacht vrolijk: “Vooruit Geer, je bent in je knollentuin en daarin kijk je niet op een bolletje”, maar toen ik klaar was, had ik ineens heel veel aarde en weinig plant. “Alles is te koop”, dacht ik en snelde naar het tuincentrum, waar ik met forse hand insloeg. Nu blijkt dat het tuinarchitectonische inzicht van Marnix vele malen beter is dan dat van zijn moeder (van wie heeft hij dat toch?), want die vroeg deskundig welke planten tegen de zon kunnen en welke niet. Ja, weet ik veel, er zitten mooie bloemen aan. Onder deskundige leiding van de buren het zaakje in de grond gezet en nu blijkt ook nog dat ik elke avond heen en weer moet hollen met een gieter, anders leggen ze weer het loodje. Ik wil hiermee maar zeggen: het zal wel zo zijn dat een pelgrim vele beproevingen doorstaat, maar die van het thuisfront zijn ook niet mis!! En nu de clou van dit alles: Ik wil al tijden heel graag naar een appartement, lekker alles gelijkvloers. Mijn lieve Theo verzint bij elk appartement de meest doorzichtige smoezen, want ‘dan heeft hij geen tuin meer!’ En wie zit nu op haar knietjes in de grond te wroeten? Juist!!

Ik krijg nogal wat telefoontjes om te vragen hoe het met Theo gaat en hoe het met mij gaat. Gisteren heb ik heerlijke paella mogen nuttigen bij Bouk en Aska en was ik weer even onder de levenden. Van Jan en Dorien van de Brink kreeg ik een heel gezellige brief met foto’s van Theo en Jan. Het doet me goed dat ook het thuisfront niet vergeten wordt en dat wil ik graag met jullie delen.

Met Marnix gaat het waardeloos om eerlijk te zijn. Hij heeft heel veel pijn en kan absoluut niet zitten. En de lieve Zaanse dokters kunnen dan wel zeggen dat het vanzelf over moet gaan, maar hij is twee maanden verder bijna en om nou te wachten tot zijn vader een goed woordje voor hem kan doen bij Jacobus in Santiago?? Ik bewonder hem heel erg omdat hij toch steeds probeert de moed erin te houden, maar het is bijna geen doen voor hem zo. Dus hij heeft zo eens in het rond gevraagd en gespeurd en vanmorgen onder de koffie en de tompoes (want tradities moeten er blijven) hebben we de informatie die hij van de Alfa-Klinik uit München gekregen had, eens doorgenomen en morgen gaat hij die bellen. Ze schijnen er veel meer te kunnen dan hier, het is een team van een Nederlandse orthopedisch chirurg en een Nederlandse neuro-chirurg, de begeleiding daarna kan hier in Nederland plaats vinden door gespecialiseerde fysiotherapeuten en van “Niets meer aan te doen” willen ze niet weten. Er zijn geen lange wachttijden, dus ik ben benieuwd. Mocht er enige tijd niets op de website verschijnen, dan ben ik dus even naar München!!

Categorieën: 2006: Camino Frances | Een reactie plaatsen

Hoe warm het is …..

22,98 km – 32.419 stappen / totaal 1438,02 km – 2.067.007 stappen

Het is ontzettend heet hier, ik zweet als een otter! Maar ik hoor van Gery dat het in Zaandam ook warm is, ze klaagt tenminste weer over natte lauwe dweilen in haar nek en dat betekent dat ze het erg heet heeft. Het aantal kilometers dat ik gelopen heb, is niet helemaal de vooruitgang op de route, want ik ben steeds van schaduw naar schaduw gelopen. Door de warmte heb ik een open plekje aan mijn linkervoet, dat zeer doet. Ik zal er morgen maar eens een smeerseltje voor kopen, dan zal ik er wel minder last van hebben.

Lex-en-Theo-web
Gisteravond heb ik samen met Lex en Elly gegeten. Er zaten ook nog vijf andere pelgrims bij, dus ze hebben eens mee kunnen maken hoe het zo toegaat. Vanmorgen heb ik een aantal ansichten van het hotel gekregen om te versturen en er is daar ook een slaapplaats voor vannacht voor me geregeld. Ik loop veel door de bossen en een mevrouw die daar ook liep, heeft me ernstig gewaarschuwd voor wilde zwijnen, want die schijnen er erg veel rond te lopen. Ik kwam er geen tegen gelukkig, want zeg nou zelf: wat begint een otter tegen een wild zwijn?

Nu zit ik op 1100 meter hoogte in een watermolen, die als gîte is ingericht in Apinac en hier is het een stuk koeler. Lekker, hoor. De watermolen werkt nog steeds, ze malen hier meel voor veevoeder en noten voor olie. Dus ik zit hier echt op de ‘campagne’. Ook hier ben ik weer hartelijk ontvangen, kreeg een rondleiding door de molen en ik kan hier ook eten. Het is vandaag open dag van de gîtes, dus terwijl ik Gery zit te bellen, lopen er voortdurend mensen in en uit, die verbaasd luisteren naar mijn Nederlands gekoeterwaal. Ik moet het gesprek telkens onderbreken om “Bonjour” te zeggen en krijg een enorm stuk cake in mijn handen geduwd van een van de mensen. Leuk is dat toch steeds weer.

O, sorry, maar de eigenaar van de gîte roept nu naar me dat ik een aperitief moet komen drinken en dat kan ik natuurlijk niet weigeren. Ik zou het trouwens ook niet willen!! Gegroet, gij allen en tot morgen!

Categorieën: 2006: Camino Frances | 2 reacties

Extremen

23,49 km – 34.156 stappen / totaal 1415,04 km – 2.034.588 stappen

Theo-weer-op-weg-web

Ook van achteren ben ik zeer charmant

Verder was het vandaag warm, erg warm. Vanmorgen liep ik door de bossen en de wijngaarden en het gaat nu echt steil op en neer en dat is vermoeiend. Ik moet mijn enkel overdwars zetten of op mijn tenen gaan lopen, anders haal ik het niet. Ik heb mijn schouder ingesmeerd en dat gaat nu beter, maar vanmorgen ben ik aan alle kanten geprikt door de muggen. De streek waar ik nu loop, was vandaag de warmste plek van Frankrijk. Ik maak dus extremen mee: ofwel de koudste plek ofwel de warmste plek, terwijl ik nu juist altijd zo graag de middenweg bewandel. Ik word dus op de proef gesteld, zullen we maar denken. Nou, als het erger niet wordt….
De streek wordt steeds leuker, omdat de mensen weten waarover het gaat en geïnteresseerd zijn. Ze kennen hier de rest van de route tot Le Puy en kunnen je precies vertellen wat je onderweg nog tegen zal komen. Ik hoefde vandaag niet zo erg ver en zit nu in een auberge in Marols, waar een grote slaapzaal is, maar omdat ik alleen ben, kreeg ik ook een kamer alleen. De ontvangst was weer overweldigend. Toen ik aankwam, zat er een groep van zo’n veertig mensen nog te eten, ter gelegenheid van het een of ander. Ik kwam dus gepakt en gezakt binnen en….kreeg van al die mensen dus applaus. Sta je wel even te blozen natuurlijk, maar dat zie je gelukkig niet, omdat ik bruin ben. Vervolgens werd ik meegetroond naar de keuken en kreeg daar het dessert, water en koffie. Dus ik ben weer verwend. Ik zit nu te wachten op Lex en Elly, die straks aankomen, we zullen samen eten.
Dit is een evenement, dat nog veel en veel mooier is dan ik me heb voorgesteld. Ik zal het mijn hele leven niet meer vergeten!

Categorieën: 2006: Camino Frances | 1 reactie

Blog op WordPress.com.