2006: Camino Frances

Vitry-le-François

32,5 km – 47.145 stappen / totaal 795,5 km – 1.136.326 stappen

Geloof het of niet, maar het was vandaag schitterend weer. Zo warm dat ik in de korte broek heb gelopen. Om nou te zeggen dat ik er dan fraai uitzie is een tweede. Ik rits dus de pijpen van mijn broek en dan heb ik een ‘lange’ korte broek. Daaronder beginnen halverwege mijn kuiten mijn schoenen, dus mijn benen hebben maar een klein stukje om bruin te worden. Maar dat mag de pret niet drukken, ik loop lekker zo.
Ik heb vandaag een forse afstand gelopen, voornamelijk langs de Marne en het jaagpad langs het kanaal. Dat was wel lollig, aangezien er een plezierjacht door het kanaal voer en dat moest bij elk sluisje wachten, dus dat voer mij steeds voorbij en dan haalde ik het bij de volgende sluis weer in. Dus aan zwaaien geen gebrek en je ziet, dat ik zelfs in korte broek en op hoge schoenen nog in trek ben. Ik ben doorgelopen tot Vitry-le-Francois, omdat daar een camping zou zijn. Die was er ook, alleen was die nog dicht. En zo ben ik ‘noodgedwongen’ weer in een hotel beland en dan nog wel een ‘Logis de France’. Kijk, ook een arme pelgrim moet met zijn tijd meegaan oftewel, ook de levensstandaard van een pelgrim is in de loop der eeuwen omhoog gegaan. Een ‘Logis de France’ staat bekend om het lekkere eten en dat ga ik ook weer eens uitgebreid doen, want dat heb ik wel verdiend. Ik heb al een paar dagen eenvoudig gegeten, dus nu wordt het tijd voor een diner!

Categorieën: 2006: Camino Frances | 2 reacties

Een rustige dag

21,38 km – 30.990 stappen / totaal 763 km – 1.089.181 stappen

Het was vandaag zowaar een rustig dagje en…het bleef droog. Vanmorgen was het hartstikke koud en mistig, dus van de champagnewijngaarden, waar ik doorheen liep, heb ik niet veel gezien. Vanmiddag heb ik langs allerlei kleine kanaaltjes gelopen en uiteraard was de camping nog 7 km verder dan Chalons-sur-Marne, dat tegenwoordig deftig Chalons-en-Champagne heet. Jawel, we worden modern, ook hier. Ik at vanavond bij de Flunch en het viel me op dat ook hier veel dikke mensen zijn en dat ze zich lang niet meer zo goed kleden als voorheen. Ik wilde in Chalons heel graag de kerk zien, omdat daar drie gebrandschilderde ramen van St. Jacques zijn, maar de kerk bleek al twee jaar dicht te zijn, dus helaas.
Net heb ik de route voor morgen besproken met twee fietsende pelgrims. Een van de twee gaat ook weer terug op de fiets en zal dus bijna net zo lang onderweg zijn als ik. Morgen wordt het vast weer een flinke tippel, want er is gewoon anders geen plaats om te overnachten. Dat zien we verder dan wel weer, voorlopig fluiten de vogeltjes rond mijn tent er lustig op los. Jinze, betekent dat dat het morgen mooi weer wordt of juist niet? Zo’n natuurmens ben ik nou.

Categorieën: 2006: Camino Frances | 3 reacties

Welke staat van welbehagen?

26,36 km – 38.210 stappen / totaal 741,62 km – 1.058.191 stappen

Kijk, je moet natuurlijk nooit overmoedig worden en te vroeg over welbehagen praten, want het was me vandaag toch een dag. Toen ik om kwart voor negen uit Reims vertrok, viel de regen met bakken uit de hemel en het is al met al vandaag misschien twee uur droog geweest. Eerst heb ik ruim tweeëneenhalf uur langs het kanaal gelopen en toen ben ik dwars door het bos gegaan, maar ben daar hopeloos verdwaald. Dat komt omdat de route hier erg slecht aangegeven is. Als ze een kruis zetten wat betekent dat je die weg absoluut niet moet nemen, blijkt later dat je die weg toch juist wel had moeten nemen. Wat een land, dat Frankrijk!
Enfin, ik liep daar zeker 10 km door dat bos te dwalen en nergens een huis of geluid, waarop ik me kon oriënteren. Ik wist niet meer of ik naar links, rechts, voor- of achteruit moest. Uiteindelijk kwam er een engel in de gedaante van een soort Jinze, een boswachter dus, die uiterst verbaasd vroeg: “Wat doet u hier? U hoort hier helemaal niet. Dit is niet de route naar Santiago”. Daar hebben we toen eerst maar even om gelachen en toen heeft hij me een weg in de goede richting gewezen. Nou, die richting was wel goed, maar de weg? Die was veranderd in een modderige rivier, dus het was glibberen, glijden en vallen.
Toen ik uiteindelijk het dorp Trépail had bereikt, zag ik er dus niet meer uit. Ik heb aangeklopt bij een producent van champagne en gezegd dat ik wist dat ik er niet uit zag, maar dat ik een slaapplaats zocht. “Ja”, zei hij, “die heb ik niet voor je, maar kom eerst maar eens een glas drinken”. En zo zat ik, van top tot teen onder de modder, heel sjiek een glas champagne te drinken!

Champagne-web

Daarna heeft hij zijn dochter gebeld, want die verhuurde wel kamers en nu zit ik op te drogen in een grote boerderij, helemaal voor mij alleen en heb de beschikking over een woonkamer, een keuken, een grote slaapkamer en een douche. Ik heb lekker gedoucht, mijn hamburgertjes staan te bakken en nu heb ik zowaar toch weer een gevoel van welbehagen, alleen dit keer niet van de wandeling. Wat dit kost? Er ligt een briefje op tafel, dat de kosten naar eigen vrije wil zijn voor pelgrims, je legt maar neer wat je kunt missen. Wat een land, dat Frankrijk!

Categorieën: 2006: Camino Frances | Een reactie plaatsen

Een miljoen voetstappen verder…..

15,63 km – 22.666 stappen / totaal 715,26 km – 1.019.981 stappen

Hier dan met veel gezwoeg weer een berichtje van mij. Na het eten vanavond maar eens geprobeerd iets te versturen. Niet eenvoudig, want dit toetsenbord is volgens mij weer anders dan de andere, maar dat kan natuurlijk niet.
Heerlijk om al die commentaren te lezen. Er zijn erbij die zowat elke dag iets te ‘commentaren’ hebben. Om nu misverstanden te voorkomen, ik loop niet altijd zingend door de bossen, hoor. Vanmorgen bijvoorbeeld was het verschrikkelijk nat weer en dan loop je in je poncho (waar je toch nat in wordt) te glijden en te baggeren over paden, die eigenlijk zo niet genoemd mogen worden. Kortom, dan is het dus afzien en jezelf tegenkomen. Eindelijk heb ik daar een motief voor gevonden. In de modder dus.
Gisteren ben ik over de slagvelden van de Eerste Wereldoorlog gelopen. Het was heel stil daar, want er waren geen verkeerswegen en er was ook geen wind. Dat was heel indrukwekkend om je te moeten indenken dat daar op elke tien vierkante meter wel iemand is omgekomen. Het gezin waar ik gisteren heb geslapen, woont op een boerderij die midden in het front heeft gestaan. Nu nog vinden ze daar in de omgeving elke week granaten.
Dit is een fantastische tocht op alle fronten. De contacten met anderen, mede-pelgrims en Fransen, en het landschap werken bijna therapeutisch. Een andere pelgrim zei dat hij het gevoel had in therapie te zijn, maar dan was hij therapeut en cliënt tegelijk.
Over twee weken ben ik in Vezelay: dan heb ik de belofte aan mezelf in ieder geval ingelost. Het aankomen hier in Reims was al een beetje emotioneel. Als je te voet bent, kom je echt ergens aan, want je ziet het al uren tevoren. Dan komt Gery misschien ook daarheen: daar zie ik wel naar uit in allerlei opzichten. Ik hoop zij ook.
Voor wat betreft de sponsoring, daar heb ik heel lang over nagedacht en met anderen over gepraat. De meningen zijn verdeeld, dus ik moet hier zelf in beslissen. Juist omdat deze hele reis mijn eigen idee is en ik het ook voor mezelf doe, vind ik niet dat ik hier een doel voor moet noemen. In de eerste plaats zou ik niet weten welk doel, want dan sluit je andere doelen uit. En vooral vind ik dat ik in geen enkel opzicht straks verplichtingen moet voelen om door te gaan voor dat goede doel dus. Er is geen enkele reden om mezelf later op de borst te slaan: kijk eens wat ik bijeen heb gelopen. Iedereen is natuurlijk vrij te geven aan welk goed doel dan ook; maar dat kan toch ook zomaar?? Ik hoop dat ik ooit nog eens duidelijker kan maken dat een sponsoring op dit moment voor mij niet goed is. Het is mijn eigen tocht, die ik zelf ga maken. Kortom, ieder moet toch zijn eigen leven (lees camino) volgen.
Ik weet niet wanneer ik weer een computer vind, maar iedereen heel erg bedankt voor de support. Het voelt goed. En verder: ULTREIA.

Categorieën: 2006: Camino Frances | 4 reacties

Een staat van welbehagen

31,12 km – 45.105 stappen / totaal 699,63 km – 97.315 stappen

Kierkegaard heeft eens geschreven: “Ik wandel mij elke dag in een staat van welbehagen”. Ik moet hem van harte gelijk geven. Zelfs vandaag, nu ik bijna de hele dag in de regen heb gelopen en het af en toe echt noodweer was. Tussen twaalf en één uur vanmiddag was het even droog, maar hoorde je het in de verte alweer onweren en daarna begon het weer, heel veel buien, dus poncho aan, poncho uit. Maar zelfs vandaag wandelde ik mij in een staat van welbehagen, zelfs al kon ik geen slaapplaats vinden en had ik om half zes vanavond nog niets. Op het adres dat ik belde, kreeg ik het antwoordapparaat en dus ben ik maar weer doorgelopen, want ze konden wel het hele weekend weg zijn en morgen is hier een vrije dag vanwege 8 mei. Ik overwoog om dan maar ergens in het wilde weg mijn tentje op te zetten, maar je zult het altijd zien, weken heb ik door de bossen gelopen, waar dat heel gemakkelijk had gekund, nu liep ik door bieten- en graanvelden en om daar nu tussen te gaan staan?? Dus ik begon al te vrezen dat ik bij nacht en ontij over de weg zou dwalen, toen mijn mobieltje afging: de mevrouw waarheen ik gebeld had, had mijn nummer op het antwoordapparaat gevonden en belde om te zeggen hoe erg ze het vond dat ze niet thuis was, want ik had mijn tentje zo in de tuin kunnen zetten en hoever was ik nu? Kon ik nog terugkomen? Toen ik vertelde waar ik was, zei ze: “Over 3 km is er een dorp, daar moet u gaan naar dat en dat adres en ondertussen bel ik hen op en vraag of ze plaats hebben!” Dat geeft de burger moed en bovendien passeerde mij 500 meter voor het bewuste dorp een auto, die op de rem trapte en toen achteruit naar mij toe kwam rijden met twee mensen erin, die zeiden: “Stap in, we brengen je naar het dorp” “Dat hoeft niet”, zei ik heldhaftig, “Het is nu nog maar 500 meter” en toen kreeg ik een woordenstroom over me heen waar ik bijna van ging blozen, dat ik zo ‘courageux’ was en zo flink en of ik wel wist hoe geweldig ik eigenlijk wel was, enz. enz., dit alles met heel veel ‘Oh’s’ en ‘Ah’s’. Toen belden Marnix en Gery ook nog om bezorgd te vragen of het nog ging en dat ze medelijden met me hadden, dus je begrijpt, het laatste stukje vloog ik bijna.
En nu zit ik in Berméricourt op een heel grote boerderij bij een heel vriendelijk echtpaar. En ook dat ging op z’n Frans: de man is uiteraard de baas, alleen niet in huis. Mevrouw was niet thuis en ik moest meteen binnenkomen en kreeg een stoel en alle aandacht, maar of ik kon blijven slapen, ja, dat kon hij niet beslissen, dat moest hij toch aan moeder de vrouw vragen. Nou, mevrouw kwam thuis en het was natuurlijk prima, maar ze putte zich uit in verontschuldigingen dat ze vanavond alleen soep met brood hadden. Als ze het nou toch eerder geweten had, dan zou ze uitgebreid gekookt hebben. Duizend excuses, ook al zei ik dat dat geen enkel probleem was. Nu heb ik een enorme kamer voor mezelf en zit nog maar 15 km van Reims af, dus morgen ben ik daar met de middag. Dan ga ik daar weer een hotel nemen, want de gymzaal van vannacht was gratis en het eten gisteravond € 13, dus dan kan het wel weer een keer.

Categorieën: 2006: Camino Frances | 4 reacties

In de gymzaal

5 mei: 32,53 km – 47.147 stappen
6 mei: 27,58 km – 39.984 stappen / totaal 668,51 km – 952.210 stappen

Gisteren heb ik een flink stuk gelopen, maar dat kon niet anders, aangezien je hier niet veel overnachtingsplaatsen hebt. Het is een leeg land en met de auto ben je zo 20 km verder, maar lopend natuurlijk niet. Enfin, tot nu toe heb ik steeds kunnen slapen, dus het zal allemaal wel loslopen. Het was erg warm en het heeft geonweerd. Ongeveer 10 km voor Signy l’Abbaye werd ik aangehouden door een meneer, die me na het gebruikelijke praatje uitnodigde voor een kop koffie. Toen stapte ik een echte ouderwetse Franse boerderij binnen, waar iedereen aan een grote lange tafel zat en aan het hoofd daarvan een oude grootvader. Die luisterde naar ons gepraat en vroeg toen aan zijn zoon waar ik vandaan kwam. “Het is een Hollander”, zei de zoon, ‘Hij komt uit de buurt van Amsterdam”. Waarop de oude man zijn hoofd schudde en zei: “Dat kan niet, want hij spreekt net zo Frans als ik”. Dus dat was een groot compliment. Vervolgens verbood hij me om door het bos te lopen, want dat was veel te gevaarlijk, ik zou absoluut verdwalen en als ik daar dan alleen liep, nee, dat kon echt niet. Dus ik heb hem maar gehoorzaamd. Mijn overnachtingsplaats was Signy l’Abbaye en daar bestond de camping uit het trainingsveld van de plaatselijke voetbalclub. Die waren gisteravond ook gewoon aan het trainen op het veld, dus af en toe kreeg ik een bal op mijn tent, dat was wel komisch. Ik heb weer eens ouderwets goed Frans gegeten gisteren: Oeuf mayonaise, sla, een plateau de fromages en een flan toe. Dus ik kon er tegen vandaag.
De route door dit gebied is wat saai, je merkt dat je aardig in de buurt van de Champagne terechtkomt. Het klopt dus wat ik erover gelezen heb, iedereen schijnt dit een saai stuk te vinden en iedereen klaagt over gebrek aan slaapplaatsen, dus vooruit maar. Het was heerlijk wat de temperatuur betreft, niet te warm en niet te koud. Ik had een fikse regenbui van twee uur. Nadat ik daar een tijd in gelopen had, kwam ik een bushokje tegen, daar ben ik in gaan zitten en heb een sandwich en een pain au chocolat gegeten en toen ik weer reisvaardig was daarna was het droog.
Nu ben ik aangekomen in Chateau-Porcien en heb vannacht weer een nieuw soort overnachting: we hebben eerst met zeven pelgrims tegelijk moeten wachten op de sleutel van een school en nu slapen we vannacht met zijn allen in de gymzaal. Dat is weer een heel andere belevenis, er worden links en rechts van me ook wat zorgen geuit over eventuele snurkers, maar dat mag me de pret niet drukken. Het speelplein grenst aan de straat en aan het schoolhek daar hangen nu zeven wasjes te drogen, een leuk gezicht wel. Vanavond gaan we met zijn zevenen eten in de bar hier aan de overkant, dus dat kan gezellig worden. Zo zie je, elke dag is anders, ik vind het nog steeds fantastisch allemaal en mijn enkel blijft hetzelfde, wordt niet erger, dus ik houd de moed erin. Ik kreeg al klachten vanuit Heemskerk, dat ik veel te hard ga, want Suzanne wil een weekje meelopen en dan moeten Ton en Gery haar nog wel kunnen brengen in een weekend. “Ja”, sprak ik ferm, “Dat is jouw probleem!”

Categorieën: 2006: Camino Frances | 1 reactie

Retour Frankrijk

18,88 km – 27.369 stappen / totaal 608,40 km – 865.079 stappen

Franse-vlag-web Jullie zien, het is het korte stuk geworden. Dat kwam vanwege die hongerige maag natuurlijk. Dus vanmorgen eerst maar eens naar de bakker om die hongerige maag te vullen. Het was vandaag prachtig weer en een mooie tocht, alleen heb ik door vijf beken heen moeten waden, waarbij ik zelfs af en toe mijn schoenen moest uittrekken en dat is geen klein bericht. Middenin het bos stond een hut en daarin een stok, die op mij stond te wachten. Dus ik heb nu een stok en een staf, die mij vertroosten. Alleen, terwijl ik dit schrijf, zie ik hem niet meer, dus ik vrees dat ik hem op het terras heb laten liggen. Dat terras was noodzaak. Ik was om twee uur in Rocroi, bekend vanwege de slag van Rocroi in 1623, waar Condé in opdracht van Lodewijk XIV de Spanjaarden versloeg (dat wisten jullie toch zeker wel?) en ja, dat was wederom te laat voor het eten. Wat moet je dan? Ja, dan ontmoet je een medepelgrim en wordt het dus echt tijd voor een terrasje. En ik moet zeggen, een paar pilsjes vult ook aardig. Je ouwehoert wat af op zo’n tocht, want iedereen begint een praatje met je, geweldig is dat.
Wij als pelgrims hebben eendrachtig besloten dat een pelgrim natuurlijk wel hoort te lijden, maar niet te veel. Het moet wel binnen de normen blijven. En de mensen die zo’n Grande Randonnée uitzetten zijn sadisten, anders zouden ze je niet door al die beken laten waden. Dat had heus wel anders gekund, vonden wij. En nu moet ik straks weer terug naar dat terrasje om te kijken of mijn staf er nog ligt. Ja, het leven is zwaar. Ik heb al een paar sokken ook versleten, mijn tenen komen er doorheen. Ik hoop dat Gery naar Vezelay kan komen, als ik daar eenmaal ben, dat zou wel leuk zijn en dan kan ze meteen nieuwe sokken meenemen en kan ik mijn winterkleren aan haar mee terug geven. Gek, hè, maar ik heb nog niet één keer gedacht: “Gatver, ik wil niet meer”, zelfs niet als mijn enkel zeer doet. Dan denk ik hoogstens: “Hoe los ik het op?” Dus Sus-ter-Nightingale, je kunt gerust komen, je zult genieten!!

Categorieën: 2006: Camino Frances | 2 reacties

Waar moet ik eten?

24,93 km – 36.135 stappen / totaal 589,52 km – 837.710 stappen

Nog even over de telefoon: blijkt ook nog dat ik de sms-jes erbij moet kopen! Dus ik heb ferm tegen Geer gezegd: “Je krijgt nog één sms-je en daarna kun je ‘t schudden”. Is ze het geloof ik niet helemaal mee eens.
Het was vandaag warm, maar er waren onderweg wel een paar flinke stortbuien. Nu lig ik voor mijn tentje in de zon in Oignis-en-Thiécuterache en….hier is het weer België. Ja, een mens ziet wat landen onderweg, zullen we maar denken. Onderweg ontmoette ik een paar maal hetzelfde echtpaar, dat onderweg is naar Lourdes, dus dat werd steeds een praatje. De man heeft zijn bedrijfje verkocht om nu eens ‘leuke’ dingen te gaan doen, zoals, zei hij: “Elke morgen om zeven uur de deur uit om een hele dag te gaan lopen!” Daar hadden we wel lol om, want als je baas zou zeggen dat je dit moest doen, zou je de Arbo erbij gehaald hebben. Ach ja, een mens zijn lust is een mens zijn leven, moet je maar denken.
Ik heb eerst langs de route nationale gelopen, maar daar is niets aan. De rest van de dag liep ik grotendeels door de bossen, dat is het betere werk. Ik had een knoert van een blaar aan het kleine teentje van mijn linkervoet, die heb ik eens liefdevol verzorgd, dat is verder geen probleem. Verder zag ik bij het uitstippelen van de route voor morgen dat ik of een heel lang stuk moet lopen of een heel kort stuk. Daar tussenin is niets. Ik weet nog niet wat het wordt, maar dat is ook geen probleem. Het stuk wat nu volgt tot Vezelay is een lastig stuk, omdat er heel weinig overnachtingsmogelijkheden zijn. Ook dat is verder geen probleem, dat lost zich wel op. Wat dan wel een probleem is? Dat hier in dit dorp geen enkele winkel is en dat er maar één restaurant is, dat….op woensdag dicht is! Het zal toch niet waar zijn dat ik vanavond moet leven op twee ‘pains au chocolat’?

Categorieën: 2006: Camino Frances | 1 reactie

La douce France

24,43 km – 35.415 stappen / totaal 564,59 km – 801.575 stappen

Vanmorgen vertrok ik om half tien uit Dinant bij schitterend weer: zonnig, een beetje wind en zo’n 20 graden. Dat is de hele dag zo gebleven. Bovendien had ik een geweldig ontbijt op met speciale kaassoorten, eigengemaakte jam en zo. Het kon niet op en ik kreeg ook nog een hele zak brood mee voor onderweg. Dus het was vandaag niet moeilijk om tegen een mevrouw in een auto te zeggen: “Nee, ik heb mezelf beloofd het hele eind te wandelen”, toen ze stopte en vroeg of ik mee wilde rijden. Haar antwoord was wel komisch: “U loopt toch niet helemaal naar Jacques Compost?” en toen ik zei van wel, riep ze: “O, wat jammer voor mij dat u niet mee wilt rijden, want ik houd nou juist zo van mannen met principes!” Dat principe moest ik een uur later opnieuw verdedigen. Ik liep langs de spoorlijn en daar waren spoorwegwerklui bezig en die maakten uiteraard ook een praatje met me. Waar ik vandaan kwam en waar ik naar toe ging en zo. Een van hen riep spontaan uit: “Joh, ik werk bij de trein en met de trein ben je in tien minuten in Givet”. Maar ik bleef sterk en waardig, zelfs toen ik vertelde dat een mevrouw me vanochtend ook al een lift wilde geven en ze zeiden: “O la la, je mag een vrouw nooit iets weigeren!”
En…ik kwam in Givet en passeerde dus de Franse grens. En dat ik echt in Frankrijk ben, merkte ik meteen al toen ik een nieuwe Franse simkaart ging halen voor mijn telefoon. Het begon heel eenvoudig: ik stap de telefoonwinkel binnen en vraag om een simkaart. In België ging dat heel gemakkelijk, maar hier natuurlijk niet. Ik moest een hele rits formulieren invullen en vervolgens mijn paspoort laten zien. De kosten? € 45. “Zo”, zei ik, “dat is behoorlijk aan de prijs, in België kostte die maar € 20. “Ja, in België”, zei de man laatdunkend, “maar dit is Frankrijk en hier kost ie € 45″ Ik had nog maar € 4,50 aan beltegoed, dus wilde meteen opwaarderen. Fout, fout, fout, dat kon natuurlijk niet, daarvoor moest ik naar de tabac om een ‘rechargement’ te halen. Ik begaf mij dus naar de dichtstbijzijnde tabac. Nou kijk, ze verkochten die en normaal gesproken zou ik dus daarvoor op het juiste adres zijn, maar ja, het systeem van de ‘rechargements’ was ‘en panne’ en dus had geen enkele tabac in Givet vandaag de mogelijkheid tot ‘rechargement’. Misschien kon ik het eens op het postkantoor proberen? Dus naar het postkantoor, achteraan in een hele lange rij, netjes achter de gele streep blijven. Ondertussen praat iedereen met iedereen en de mensen achter het loket praten ook met iedereen en met elkaar en zo kan het echt gezellig zijn, alleen schiet het niet hard op. Maar ik kwam aan de beurt en ja hoor, ze hadden een ‘rechargement’. Ik blij naar buiten met mijn bonnetje, keurig het nummer gedraaid dat erop stond, helaas……. geen sjoege. Rechtsomkeert het postkantoor weer in, de mevrouw achter het loket keek ernstig, maar vond meteen de oplossing: “Dat komt omdat het een Hollandse telefoon is, daarom doet ie het niet. Weet u wat? Gaat u maar naar de telefoonwinkel, daar kunnen ze het wel.” En zo was het cirkeltje rond en kwam het uiteindelijk in orde. Heerlijk land! Maar nu ook voor de volledigheid even een andere kant: ik sta hier op de camping in Givet, die gewoon netjes aan het begin van het dorp is, zoals het hoort, waar ik zonder muntje of wat ook zoveel warm water krijg als ik maar hebben wil, gratis en voor niets en de overnachtingsprijs is……€ 2,95!!!
Ik heb inmiddels alle commentaren gelezen van de website en vind het geweldig zoals jullie aan me denken en meeleven! Het is heel leuk om al jullie berichten te lezen!! Bedankt allemaal! Verder lijkt het misschien alsof ik de hele dag alleen maar avonturen beleef, maar dat is natuurlijk niet helemaal waar. Ik loop soms ook uren zonder een woord met iemand te wisselen. Vind ik dat erg? Nee, ik vind dit nog steeds een ultieme bezigheid voor mij!! Over drie à vier weken hoop ik in Vezelay te arriveren, dus wie me post wil sturen, kan dat nu zo ongeveer wel gaan doen.
Wat mijn enkel betreft, ben ik te vergelijken met Paulus, die reisde ook heel Europa door met ‘een doorn in zijn vlees’. ’s Morgens moet ik even op gang komen, maar als ik eenmaal in mijn schoenen zit, gaat het na een kwartiertje prima en tegen de avond, als ik moe begin te worden, gaat hij weer opspelen. Maar als het zo blijft, kom ik er wel!

Categorieën: 2006: Camino Frances | 4 reacties

2-5-2006: Het thuisfront

Even de laatste berichten van het thuisfront. Gisteren kwam de neuroloog drie minuten bij het bed van Marnix staan om te zeggen dat hij wel naar huis kon. Punt. En weg was hij. Dus Marnix zei tegen de verpleging dat hij dit eigenlijk geen stijl vond, want wat schiet hij hier nu mee op? Hij had toch wel een paar alternatieven verwacht. Dat vond de verpleging ook en zei dat ze een afspraak voor hem gingen regelen met de neuroloog, want dat hierover gesproken moest worden. Goed, ik heb hem opgehaald, zijn bed in zijn woonkamer gesleept, zodat hij tenminste tv kon kijken en zo scharrelt hij nu een beetje door zijn huis, maar lekker gaat het niet. Hij kan heel slecht lopen en absoluut niet zitten, nou, dan wordt je wereld erg klein. Vanmorgen kreeg hij de sleutel van zijn nieuwe huis, dus ik kwam hem halen en toen ging de telefoon…het ziekenhuis, dat hij om twaalf uur met de neuroloog kon praten. Het was kwart voor twaalf, dus eerst naar het ziekenhuis. De neuroloog zei zowaar iets, dat leek op een excuus. Hij begreep nu toch ook dat dit zo niet kan en er toch iets zal moeten gebeuren. Nu krijgt hij op de pijnpoli een zenuwblokkade om te kijken of dat helpt en verder gaat hij naar een revalidatie-arts. Dan moet die in ieder geval maar iets bedenken, waardoor het voor hem weer een beetje leefbaar wordt, want hier word je niet vrolijk van.
Toen maar weer naar huis, zodat hij een poos kon liggen en uiteindelijk toch de sleutel gehaald en even in zijn nieuwe domein gekeken. Het is een leuk appartementje, vrij grote woonkamer met keuken en een grote slaapkamer. Het enige minpunt is eigenlijk het uitzicht, of liever gezegd: hij heeft geen uitzicht, maar verder ligt het midden in de stad en dat is leuk, want je zit overal dichtbij en zeker nu is dat een groot voordeel natuurlijk. Er moet nog wel het een en ander aan gebeuren, plafonds gewit en muren gesaust, want hij vond een lila slaapkamer niet echt het einde. Dat is zacht uitgedrukt, want het is gewoon afgrijselijk en bovendien zou ik ook niet in een blauwe woonkamer willen zitten. Hij vindt het uiteraard vreselijk dat hij niets kan doen, maar hij heeft nog vijf weken om te verhuizen en ik ben vanwege mijn landgoed inmiddels een ervaren verver. Ja, ik denk om mezelf (om vast enige vragen voor te zijn) en mijn gordelroosje in de nabloei, en als het niet lukt, dan is er altijd nog de ‘echte’ schilder. Ik heb wel binnenpret, want het loopt natuurlijk altijd anders dan je denkt. Toen Theo net weg was, dacht ik: “Hoe houd ik mezelf nu bezig ’s avonds en in het weekend en zo?” Nou, dat probleem is tenminste opgelost, de dagen vliegen voorbij.
Marnix en ik genieten elke dag van Theo’s verhalen en het feit dat het tot nu toe zo lekker gaat. Dat maakt heel veel goed en zeg nou zelf, zien jullie Theo muren schilderen of zo? Hij kan van alles, die schat, maar bij zulk werk is het beter dat hij ver uit de buurt is. Kortom, wij als thuisfront versagen niet!

Categorieën: 2006: Camino Frances | Een reactie plaatsen

Blog op WordPress.com.